Categorie: versjes
-
OUDE DAG
OUDE DAG Hoor de muziek der krakelingen Die door het jichtig zwerk verwaait: Hoe kreunende gewrichten zingen Terwijl de fom voorgoed verfaait! Zo zoet verklingelen de knoken, Zo heerlijk swingt het rimp’lend vel Dat waar gevoel steeds heeft ontbroken Nu tranen vloeien – o jawel!
-
ACHTERGROND
ACHTERGROND Kroos verdampt in wijde kringen Waar eens het broos geblaat ontstak In een onstuimig walmend zingen Van rookkanaal en zadeldak. Maar ondanks al dit ongemak Van onverhoedse wervelingen Staan luchten onbedaarlijk strak Tegen de achtergrond der dingen: Daar opent zich het hemels wak Waarin zovelen reeds vergingen In zwatelzucht en zegeningen. Hoor toch hun […]
-
LOOS
LOOS Aan zwaag en braal ontvlamt niet zelden totaal verbruide overdoos maar toen des nachts de prille helden in een onverhoeds verpoos hun laatst verdiende loon uittelden, Ach, hoezeer ging men toen loos! Op snik voor snak verbeten velden waar schaduw zich een ligplaats koos viel niets dan onheil te vermelden dat zich verbreedde tot […]
-
NATTIGHEID
NATTIGHEID Het drimpelt en dringelt en druipt van de sluif in stralen en struppels, het pinkelt en gruift in golvende glibbing die zwalpend versliert naar kabbelend klikklok dat gluppend ontzwiert. O zalige zweling die zingend verzuipt en kletsend op spreling tot spetting ontfluipt!
-
PITRIETRIJK
PITRIETRIJK Wezig welkt de snoeve druiling in het schravige struweel tot de achterlangse builing zomp verschaalt – ach, veel te veel! Maar uit schuw gestreelde keel klinkt een krachtige ontkuiling die lang doorwerkt in de steel waaraan gister nog een tuil hing. Zo is ’t schaduwrijk ontvallen zwaar en zwichtig, pitrietrijk, tussen ’s werelds droffe […]
-
OVERHEEMS EINDE
OVERHEEMS EINDE Het luifelt en de zwoele zweem libbert nog zachtjes voort terwijl het muifse overheem zoet kwispelt aan de poort: Oehoe! Oehoe! Laat mij erin! murpelt het overheem Maar nageldiep verplokt de pin het anker door het frame. En opwaarts prilt de borculo tot in het zwartste Droef dat snokt en stokt! Ach, komt […]
-
DE DWURP
DE DWURP Een dwurp beweegt zich liever niet. Hij ligt bij voorkeur plat. Dan lijkt hij op een pannekoek En denkt: wie doet me wat? O luie dwurp, wat ben jij dom! Hoe kun je nou vergeten Dat pannekoeken er zijn om Te worden opgegeten! Dus hup, schiet op en scheer je weg! Beweeg die […]
-
DE OEREWOEP
DE OEREWOEP Een oerewoep, zoals je weet, Houdt niet van warm, en hij haat heet. Liefst hangt hij in de koelkast rond En kauwt ijsblokjes (heel gezond). Maar laatst zag ik een oerewoep Die zat te mokken op de stoep. Ik vroeg: wat is er aan de hand? ‘Iepoekrie!’ zei hij aangebrand, ‘Porpilo oepe mariklor […]
-
DE PRILHOM
DE PRILHOM Een prilhom heeft iets van een snak Maar is lang niet zo snuis En anders dan een knakkerlak Knakt hij niet met zijn buis. De prilhom is verbazend slim Soms vangt hij met zijn staart Terwijl hij snel een boom inklimt De luizen uit zijn baard. Liefst doet hij alles tegelijk: Hij fluit […]
-
DE SNIRKEL
DE SNIRKEL De snirkel is een lelijk beest en het lijkt nergens op; zijn achtersneuf is mooi geweest maar hangt nu op zijn kop. Hij heeft wel iets van een scharbout (maar dan een die niet klopt). Ach, alles aan hem is zo fout dat hij zich liefst verstopt. De snirkel zul je dus nooit […]