AuteurPiet Meeuse

Zeebenen

‘Ik zei het toch?! Dat beest heb geen zeebenen. Da’s duidelijk.’ Zoals Arie het zei, klonk het als een vonnis. Verslagen stonden wij om het kooitje...

OUDE DAG

OUDE DAG Hoor de muziek der krakelingen Die door het jichtig zwerk verwaait: Hoe kreunende gewrichten zingen Terwijl de fom voorgoed verfaait! Zo...

ACHTERGROND

ACHTERGROND Kroos verdampt in wijde kringen Waar eens het broos geblaat ontstak In een onstuimig walmend zingen Van rookkanaal en zadeldak. Maar...

LOOS

LOOS Aan zwaag en braal ontvlamt niet zelden totaal verbruide overdoos maar toen des nachts de prille helden in een onverhoeds verpoos hun laatst...

NATTIGHEID

NATTIGHEID Het drimpelt en dringelt en druipt van de sluif in stralen en struppels, het pinkelt en gruift in golvende glibbing die zwalpend versliert...